Create
Learn
Share

Psyg 4

rename
ecvanhuizen's version from 2016-02-14 17:05

Section 1

Question Answer
Motorische maniërismen:Katatone bewegingsstoomis, gekenmerkt door dwaze, speelse, maar wel schijnbaar doelgerichte bewegingen, zoals huppelen, op de tenen lopen, salueren naar voorbijgangers en overdreven, gekunstelde karikaturen van gewone bewegingen. Treden op bij schizofrenie en bij autismespectrumstoornissen.
Motorische perseveratie:Stoornis in de motorische executieve functies, gekenmerkt door het nutteloos herhalen van of doorgaan met handelingen. Treedt op bij cognitieve stoornissen.
motorische sereotypieën:Katatone bewegingsstoomis, gekenmerkt door het repeterend en soms ritmisch maken van dezelfde eigenaardige complexe bewegingen, die géén duidelijk doel hebben, bijvoorbeeld spelen met de vingers, zichzelf steeds aanraken, bekloppen of wrijven. Treedt op bij frontotemporale dementie, schizofrenie, autisme en zwakzinnigheid.
Motorische tics:Psychomotorische stoornis, bestaande uit plotselinge, snelle, herhaalde, niet-ritmisch optredende stereotiepe samentrekkingen van kleine spiergroepen (bijvoorbeeld van een ooglid) of van grotere groepen spieren (bijvoorbeeld het opzij trekken van het hoofd met optrekken van de schouder). Complexe motorische tics worden beschouwd als een dranghandeling; bijvoorbeeld: het ruiken aan voorwerpen, springen, stampen en aanraken. Diagnostisch criterium voor ticstoornissen.
Mutisme:Stoornis in de gesproken taal, gekenmerkt door het (vrijwel) ontbreken van gesproken taal. Treedt op bij cognitieve stoornissen, als katatonie bij schizofrenie en depressieve stoornissen, en als conversieverschijnsel.
NeologismeStoornis in de taalvorming (en mogelijk ook in de vorm van het denken), bestaande uit een woordnieuwvorming: een door de patiënt zelf bedacht, onbestaand woord dat betekenisloos kan zijn (diagnostisch criterium voor afasie) of een eigen, bijzondere betekenis voor de patiënt heeft (diagnostisch criterium voor schizofrenie).
Onthechting:Stoornis in de stemming, gekenmerkt door vermindering tot ontbreken van gevoelens voor de omgeving, in het bijzonder de naasten. Diagnostisch criterium voor stressstoornissen.
Ontsporing (van het denken):Stoornis in de samenhang van het denken, zich uitend in onderbreking van de gesproken taal door een opmerking die geen enkel verband lijkt te hebben met de voorafgaande (derailment). Engelsen gebruiken hiervoor ook de fraaie term knight's move (paardensprong). Treedt op bij schizofrenie.
Oordeels- en kritiek stoornissen:Stoornissen in het oordeelsvermogen, gekenmerkt door zelf- overschatting en gebrek aan zelfkritiek. Treden op bij cognitieve stoornissen.
Overwaardig denkbeeld:Een denkbeeld dat een dusdanig onredelijk grote plaats in het denken van de patiënt inneemt dat deze verhinderd wordt normaal rationeel te denken en te handelen. Het wordt door de patiënt zelf niet ervaren als eigenaardig of zinloos. In tegenstelling tot de waan is het overwaardig denkbeeld niet gebaseerd op onjuiste of onlogische veronderstellingen.
memorize

Section 2

Question Answer
Palilalie:Stoornis in de gesproken taal, gekenmerkt door het explosief herhalen door de patiënt van een eigen woord of lettergreep. Treedt op bij schizofrenie en bij ticstoornissen.
Paniekaanval:Een begrensde periode van intense angst of gevoel van onbehagen, gepaard gaande met cardiovasculaire, autonome, gastro-intestinaal of neurologische Angstequivalenten en/of met Derealisatie, de angst de zelfbeheersing te verliezen, gek te worden of dood te gaan.
Parafiele handelingen:Vorm van drangmatig gedrag, gekenmerkt door seksueel afwijkende handelingen.
Paranoïde wanen:Vergiftigingswaan, achtervolgingswaan (de overtuiging dat men tegen de patiënt samenspant, of dat de patiënt bedrogen of bespioneerd wordt) en Jaloersheidwaan of Ontrouwwaan (de overtuiging dat de partner seksuele betrekkingen met anderen heeft). Diagnostisch criterium voor de waanstoornis, treden ook op bij schizofrenie.
Piekeren:Stoornis m de inhoud van het denken, gekenmerkt door het aanhoudend zich opdringen van pijnlijke, onplezierige of onaangename gedachten, waaraan de patiënt zich met kan onttrekken en waarvan de emotionele betekenis niet in verhouding staan tot het onderwerp waarover wordt gepiekerd. Treedt op bi] (het begin van) depressieve stoornis, angststoomissen, dwangstoornis en hypochondrie.
Preoccupatie:Stoornis in de inhoud van het denken, gekenmerkt door het niet kunnen loslaten van een gedachte, een overtuiging of een krachtig verlangen.
Prikkelbare stemming:Stoornis in de stemming, gekenmerkt door lichtgeraaktheid, boze ongeduldigheid, opvliegendheid en eenvoudig op te roepen agressiviteit.
Pseudoneurologische symptomen:Symptomen van de willekeurige motorische of sensorische functies die niet aan een neurologische aandoening kunnen worden toegeschreven.
Psychomotorische agitatie:Psychomotorische hyperactiviteit en versnelling die duidelijk voortkomen uit onrust, spanning of angst. Diagnostisch criterium voor depressieve stoornis.
Psychomorische remming:Stoornis in de psychomotonek, gekenmerkt door de subjectieve ervaring van zich vertraagd, tegengehouden voelen in de bewegingen. Diagnostisch criterium voor depressieve stoornis.
memorize