Create
Learn
Share

Frans examenvoca p. 96

rename
angelavan's version from 2016-10-05 17:39

Section

Question Answer
naturellementnatuurlijk, vanzelfsprekend, bevestiging
néanmoinsniettemin, tegenstelling
non seulement ..., mais aussiniet alleen ..., maar ook, benadrukking, opsomming, tegenstelling
non seulement ..., mais encoreniet alleen ..., maar ook, benadrukking, opsomming, tegenstelling
notammentin het bijzonder, vooral, benadrukking
on a beau (+ hele werkwoord)hoe ... ook, hoewel, tegenstelling
orwelnu, conclusie
pardoor (middel van), doel-middel
par ailleurstrouwens, overigens, relativering/ beperking
par conséquentbijgevolg, daarom, conclusie
par contredaarentegen, integendeel, tegenstelling
par exemplebijvoorbeeld, toelichting
parce quewant, omdat, reden/ verklaring
particulièrementin het bijzonder, vooral, benadrukking
peut-êtremisschien, wellicht, ongetwijfeld, mogelijkheid/ waarschijnlijkheid
possible (het is) mogelijk, mogelijkheid/ waarschijnlijkheid
pourom (te), opdat, doel-middel
pour queom (te), opdat, doel-middel
pourtanttoch, echter, evenwel, tegenstelling
pourvu quetenzij, mits, voorwaarde
probable(ment)waarschijnlijk, mogelijkheid/ waarschijnlijkheid
proprement diteigenlijk, relativering/ beperking
puisdan, vervolgens, opsomming
puisqueaangezien, immers, reden/ verklaring
quand mêmetoch, echter, evenwel, tegenstelling
quant àwat betreft, relativering/ beperking
quoiquehoewel, tegenstelling
reste queblijft het feit dat, conclusie, samenvatting
sans aucun douteongetwijfeld, bevestiging
sans doutemisschien, wellicht, ongetwijfeld, mogelijkheid/ waarschijnlijkheid
si (+ alle tijden)ook al, hoewel, tegenstelling
si (+ imparfait, futur du passé)als, indien, voorwaarde
si bien quezo ... dat, conclusie
sinonzo niet, tegenstelling
soit ..., soithetzij ..., hetzij, relativering/ beperking
suite deten gevolge van, oorzaak-gevolg
surtoutin het bijzonder, vooral, benadrukking
tandis queterwijl (met tegenstelling), tegenstelling
tantôt ..., tantôtnu eens ..., dan weer, relativering/ beperking
toujours est-il quezoveel is zeker dat, relativering/ beperking
tout à coupplotseling, tegenstelling, chronologie
tout compte faitalles welbeschouwd, opsomming
tout de mêmetoch, echter, evenwel, tegenstelling
tout de suitemeteen, chronologie
toutefoistoch, echter, evenwel, tegenstelling
voirezelfs, benadrukking
memorize

Recent badges