Create
Learn
Share

2.1 week 1

rename
rubenlanjouw's version from 2015-12-24 10:01

Section

Question Answer
MenarcheEerste uteriene bloeding, 12 jaar
ThelarcheSecundaire mamma ontwikkeling. Tanner 2, 8 jaar
AdrenarcheStijging van de androgeen productie, DHEA bijnieren, 7 jaar
MenopauzeLaatste bloeding, gevolgd door minstens een jaar amenorroe. Uitputting voorraad primordiale follikels. 51 jaar
Ovariele insufficientieMenopauze voor 40e
Factoren bij puberteitsontwikkelingOvariele oestrogeenproducteie
DHEA productie bijnieren
Testosteron productie
Prolactine productie
FSH en LH productie
Hypothalamische-hypofysaire portale systeemZorgt voor communicatie tussen hypothalamus en adenohypofyse (voorkwab). CRH zorgt voor uitscheiding corticotropine, TRH voor thyrotropine, GHRH voor groeihormoon, LHRH/GnRh voor gonadotropine uitscheiding
Primaire amenorroeAnovulatie, vrouw van 16 of ouder die nog niet gemenstrueerd heeft
Secundaire amenorroeVrouw die gemenstrueerd heeft, meer dan zes maanden na laatste menstruatie
Secundaire oligomenorroeVaginale bloedingen met een interval van meer dan 35 dagen en korter dan 6 maanden
OligomenorroeNormaal tijdens menopauze
memorize

 

Question Answer
Verschil meiose en mitoseMitose, 2n, twee diploide cellen

Meiose, 4n, na meiose I twee haploide cellen, na meiose II 4 haploide cellen
MitoseProfase-Metafase-Anafase-Telofase
Meiose IProfase I-Metafase I-Telofase I
Meiose IIProfase II-Metafse II-Anafase II-Telofase II
Welke leeftijd meiotische deling vrouwBij afwezigheid y-chromosoom, worden oogonia gevormd. Deze delen zich, deling stopt bij 7 maanden. 7 miljoen eicellen rond 20e week
Hierna vind meiose reductie delingen plaats, om van diploide cellen haploide cellen te maken. Hierdoor ontstaan primordiale follikels, blijft zo tot vlak voor ovulatie. Vanaf midcyclische LH-piek zet de meiose zich voort. Er ontstaan 2 poollichaampjes, dan ovulatie
Rijping duurt 3-4 dagen.
SpermatogeneseContinue. Eerst een mitotische deling, tetraploide spermatocyt. Dan 2x meiose, 4 haploide cellen
Duurt 64 dagen
NonjunctieChromosomen blijfen paren. Tijdens anafase. Dit leidt tot trisomie (21, klinefelter, 13, 18). Kan ook leiden tot mozaiek patronen
Beschrijf de fasen van bevruchtingLH-piek, meiose eicel

Capacitatie, receptor ZP3 gebonden, hyperactivatie, pas na capacitatie penetratie eicel mogelijk

Corona radiata, wordt doorbroken met hyaluronidase, daarna pas bij eicel

Zona pellucida

Acrosoom reactie treedt op, afgifte proteolytische enzymen, zaadcel breekt door zona pellucida, wordt gestart door ZP3

Fusie ei en zaadcel

Corticale reactie vindt plaats, corticale granulae lozen enzymen, modificatie ZP3 en zona pellucida, zaadcellen kunnen niet meer binden aan eicel

Zona reactie, enzymen uit de granula komen om eicel heen te liggen

Bevruchting
memorize

 

Question Answer
KlievingsdelingenVindt plaats na bevruchting, aantal neemt toe, grootte niet
MorulaPre-embryo bestaat uit 16 cellen, na 3 dagen, blastomeren beginnen te vervagen
BlastocysteVanaf 64 cellen, herkenbare blastocyste/blastula
Twee lagen te onderscheiden, embryoblast en trofoblast
EmbryoblastUiteindelijke embryo, gevromd door begrensd en duidelijk klompje kiemcellen, splitst in

Epiblast, wordt ingesloten tussen de hypoblast en trofoblast, zal bijdragen aan embryonaal weefsel, endoderm, ectoderm en mesoderm

Hypoblast, staat in contact blastulaholte, wordt extraembryonaal weefsel
TrofoblastLatere placenta, eencellig omhulsel
CytotrofoblastBinnenste laag trofoblast.
SyncytiotrofoblastBuitenste laag trofoblast, grenst aan endometrium.
NidatiePre-embryo beweegt in 2-3 dagen naar cavum uteri door passief meedruiven, voortduwing trilharen, peristatlische beweging eileider

In het cavum uteri hecht het in 3 dagen aan het endometrium. Eerst zona pellucida verliesen, heet hatching
AmnionholteOntstaat in epiblast. Komt vruchtwater in.
DooierzakBlastulaholte zal dooierzak worden
memorize

 

Question Answer
OvariumHypothalamus-hypofyse-ovarium
FSH stijgt, corpus luteum verdwijnt. Follikels gaan verder groeien, cyclische recrutering. Follikels groeien afhankelijk van gonadotrofinen, Inhibine remt groei. Meest rijpe follikel ontsnapt via artresie door verhoogde FSH stimulering.

Vanaf het midden van de folliculaire fase stijgen de E2 spiegels (oestradiol). Net voor ovulatie, heet graafse follikel. Luteinisatie van granulosa en thecacellen, vorming corpus luteum.

Daling E2. LH en FSH laag door progesteron. LH hoog genoeg om regressie corpus luteum te voorkomen. Na 7 dgn luteolyse. Menstruele bloeding
EndometriumProliferatie onder invloed van oestrogenen en prostagenen. Groei klierbuizen en groei van stroma en vasculaire endotheel. Secretiefase, endometrium wordt receptief voor embryo. Door daling geslachtshormonen, epitheel laat los, menstruatie. Door progesteron ontstaan veranderingen.
VrouwHypothalamus, GnRH (gonadotrophine releasing hormone)- Hypofyse, FSH en LH – Ovaria, inhibine A, B en oestradiol – Remming FSH en LH in hypofyse door, en remming FSH en productie LH en GnRH in de hypothalamus door oestradiol – Folliculaire fase, dalende FSH – Luteale fase, progesteronspiegels remmen GnRH, daling LH en FSH
Testosteron6-7 mg per dag
5% bijnier
SertolicellenProduceren oestrogeen door omzetting androgenen m.b.v. aromatoase. FSH bindt Sertolicelen
LeydigcellenProduceren testosteron. LH heeft receptoren op leydigcellen
GranulosacellenProduceren oestrogenen door omzetting androgenen m.b.v. aromatase. O.i.v. FSH
ThecacellenProduceren androgenen. LH heeft receptoren op thecacel.
ArtresieProces waarbij follikels verloren gaan anders dan door ovulatie, cellulaire kenmerken zelfde als apoptose, gekenmerkd door hoge androgeenspiegels
memorize

 

Question Answer
AmenorroeWHO I
Hypogonadotroop/hypo-oestrogeen
10% (centrale oorzaak, hypofyse-hypothalamus)
Lage FSH, LH en oestradiol
Kan gevolg zijn extreme inspanning, ondergewicht, hyperprolactinemie

WHO II
Normogonadotroop/normo-oestrogeen
85% (oorzaak disbalans hypofyse-ovarium-as)
Congenitale (anatomische) afwijking vagina

WHO III
Hypergonadotroop/hypo-oestrogeen
5% (oorzaak ovarieel)
Hoge gonadotrofine GnRH pulsatie, desensitisatie hypofyse, lage LH en FSH
WHO classificatie, belangrijkste ziektebeelden primaire amenorroeNiveau 1,
Hymen imperforatum en syndroom van Mayer Rokitansky Kuster Hauser

Niveau 2,
Gonadale dysgenesieen (Turner, Swyer, 47 XXY), pseudo-hermafroditisme (androgeen overgevoeligheidssyndroom, testosteronsynthese defecten, 5a-reductase deficientie), PCOS

Niveau 3,
Cushing, Acromegalie, Sheehan (postpartum hypopituaritisme, door shock ontstaan, bloeding)

Niveau 4,
Stress, topsport, anorexia nervosa, hypogonadotroop hypogonadisme
WHO classificatie secundaire amenorroeNiveau 1, Asherman syndroom
Niveau 2, POF(prematuur ovarieel falen), PCOS)
Niveau 3, Cushing, Acromegalie, Sheehan
Niveau 4: Stress, topsport, anorexia nervosa, hypogonadotroop hypogonadisme.
WHO classificatie oligomenorroeNiveau 1, stress, topsport, anorexia nervosa (Hypothalamus)
Niveau 2, PCOS (acne, hirsutisme)
Niveau 3, POF en hypogonadisme/bv mozaiek Turner (opvliegers, fragiele X)
Progesteron belastingstestTest of baarmoederkanaal en vagina intact zijn
Is er bloeding mogelijk?

Na uitsluiting zwangerschap 10d 1dd 10 mg medroxyprogesteronacetaat.
Postief, binnen 7 dgn na medicatie ontrekkingsbloeding
Negatief, geen ontrekkingsbloeding na 7 dgn
Denken aan, aanleg/functiestoornis vd uterus en/of vagina

Vervolg, doorsturen gynaecoloog voor echo. Genetisch onderzoek
Beschrijf PCOSChronische anovulatie gepaard met oligo- of amenorroe hyperandrogenisme, acne, adipositas. Subfertiliteit. Vaak hirsutisme door verhoogde androgeenconcentraties in bloed, of verhoogde gevoeligheid voor androgenen.
Sprake van polycysteuze ovaria indien er meer dan 12 antrale follikels gezien worden bij transvaginale echoscopie.
Kenmerken PCOS (2/3)Oligo of amenorroe
Klinische biochemische tekenen van hyperandrogenisme
Polycysteuze ovaria bij echoscopie (kralensnoer)
Behandeling PCOS bij kinderwensClomifeencitraat, een anti-oestrogeen, 50-150 mg cyclusdag 5 t/m 9
Behandeling PCOS als initiele behandeling niet heeft geleid tot zwangerschapMetformine, laparoscopische electrocoagulatie, FSH, 25-450 IE sc, meerlingrisico, eenzijdig ovariectomie (last resort)
Gzh risico’s PCOSAngst, depressie, risico diabetes gravidarum,
Verhoogde kans endometriumcarcinoom,
Hart en vaatziekten, DMII
PCOS zonder kinderwens, behandelingOligomenorroe en/of dysfunctionele bloedingen, progestagenen of combinatie oestrogeen en progestagenen.
Gonadale dysgenesieGonaden nooit aangelegd.
Syndroom van Turner (45, XO)
Syndroom van Swyer (46,XY, missen SRY gen of andere Y specifieke genen)
Testiculaire feminisatieMenarche blijft uit, gonade geslacht is mannelijk. Door defecte androgeenreceptor. Gedeeltelijke of gehele ongevoeligheid voor androgenen. Ontwikkeling uiterlijk is vrouwelijk. Vagina is kort, utereus en tubae ontbreken. Gonaden in lieskanaal. Hyperandrogeen, licht verhoogde gonadotrfine waarden.
Syndroom van Mayer-Rokitansky-Kuster-HauserMenarche blijft uit. Ovaria functioneren normaal, ontwikkeling secundaire geslachtskenmerken is niet afwijkend. Aplasie van vagina en uterus. Ontwikkelingsfout bij sluiten buizen van muller in 6-8e week. Vaak mist een nier. Vrouwen normogonadotroop en normo-oestrogeen.
memorize

 

Question Answer
SubfertiliteitNa 12 maanden frequentie onbeschermde op conceptie gerichte coitus bij een regelmatige cyclus, zwangerschap blijft uit.
Primaire subfertiliteitNog nooit zwanger geweest
Secundaire subfertiliteitReeds zwanger geweest
Factoren HunaultDuur subfertiliteit
Leeftijd vrouw
Semen kwaliteit
Verwijs status
Primaire subfertiliteit
Orienterend fertiliteits onderzoek (OFO)Semenanalyse
Basale Temperatuur Curve (BTC)
Post-coitumtest
Kwaliteit cervixslijm
Tubapathologie
Oorzaken subfertiliteitOvulatiestoornissen (24%)
Sterk verminderde kwaliteit sperma (20%)
Stoornissen in interactie sperma en cervixslijm (15%)
Tubapathologie (11%)
Overig, onverklaard (30%)
Seksuologische oorzaken onvervulde kinderwensOnmogelijke intra vaginale ejaculatie, vaginisme, erectiele dysfunctie, ejaculatio praecox, anejaculatie
Geringe kans door te lage frequentie coitus, problemen met verlangen, seksuele aversie
Geen vaginale coitus, verkeerde techniek
Belangrijkste parameters vruchtbaarheidLeeftijdvrouw
Duur subfertiliteit
Aard subfertiliteit
Motiliteit van het semen
Verwijsstatus
Post-coitum test (PCT)
Ovariele reserve testenFSH meten
Antral Follikel Count (AFC)
Antrale follikels
AMH meting
Indicatie zelfinseminatieVaginisme
Ernstige dyspareunie
Erectiestoornissen
Ejaculatiestoornissen
Indicatie donor inseminatieErnstige oligozoospermie of azoospermie van de man
Infectieus sperma
Dragerschap voor erfelijke aandoeningen bij de man
Lesbische relaties
Wens tot alleenstaand moederschap
Indicatie Intra Uteriene Inseminatie (IUI)Matige mannelijke subfertiliteit
Cervixfactor
Onverklaarde subfertiliteit
Milde mannelijke subfertiliteit
Indicatie in-vitro fertilisatie (IVF)Ovariele hyperstimulatie (FSH en GnRH-agonisten). Groot aantal follikels komt vrij. Worden voor ovulatie geaspireerd. Inseminatie vindt plaats in een medium, na 2-3 dagen wordt het teruggeplaatst.

Indicatie, vrouwen waarbij de eileiders niet goed functioneren, endometriose, niet te herstellen sterilisatie van de vrouw, onverklaarbare onvruchtbaarheid, zaad verminderd vruchtbaar.

Gevaar, kans op ovarieel hyperstimulatie syndroom
IVFIn-vitro fertilisatie
ICSIIntra Cytoplasmatische Sperma Injectie
memorize

 

Question Answer
NormospermieVolume (>2ml)
Concentratie (>20x10^6/ml)
Motiliteit (>50% motiel)
Morfologie (>30% normale vormen)
SpermakwaliteitVCM, onder de 10 miljoen is verminderde kwaliteit.
Obstructieve azoospermieCongenitaal
Post inflammatoire
Iatrogeen, bijv. sterilisatie
Non-obstructieve azoospermieOnverklaard “SCOS” (sertoli cell only syndrome)
Chromosomale afwijkingen
Deleties van het Y-chromosoom
Hypogonadotroop hypogonadisme
Behandeling azoospermieObstructief, microchirurgie
Non-obstructief, TESE (testiculair sperma extractie)
Puberteit vrouwBorstontwikkeling
Lichaamsbeharing
Groeispurt
Groter worden labia
Oestrogeen activiteit
Menarche
Vrouwelijke vorm
Puberteit manGroter worden testes
Groei penis
Lichaamsbeharin
Groeispurt
Spermarche
Toename testosteron
Ontwikkelingsstadia volgens TannerTanner 1,
Geen pubisbeharing

Tanner 2,
Kleine hoeveelheid lange, rechte, licht gepigmenteerde, haartjes aan de basis penis en scrotum en op de grote schaamlippen

Tanner 3,
Merkbaar donkerdere, stuggere en meer gekrulde beharing, beharing verspreidt zich naar lateraal

Tanner 4, adulte beharing, maar bedekte oppervlakte is nog steeds minder dan bij volwassene, geen verspreiding naar mediale oppervlak dij

Tanner 5,
Adulte behaling, zowel qua type als kwantiteit.
memorize

 

Question Answer
Menopauze, overgangsverschijnselenOpvliegers
Menstruatie veranderingen
Nachtzweten
Koude handen en voeten
Bloeddruk verhoging
Gewichtstoename
Droge vagina
Vermoeidheid
Huidveroudering
Droge mond
Transpireren
Stijve spieren
Vochtbalans
Sexual healthStaat van lichamelijk, emotioneel, mentaal en sociaal welbevinden bmt seksualiteit en voortplanting. Respectvolle benadering van seksualiteit en seksuele relaties als de mogelijkheid voor plezierige en veiige seksuele ervaringen vrij van dwang, discriminatie en geweld
Reproductive healthBetreft alle factoren die voortplanting, voortplantingsfuncties en voortplantingsorganen in elke levensfase betreffen. Reproductieve gezondheid houdt in dat vrouwen en mannen een verantwoord veilig en plezierig seksleven kunnen hebben en dat zij vrij zijn om te beslissen of, wanneer en hoe vaak zij zwanger willen worden.
Nederlandse cijfers mbt seksuele en reproductieve gezondheidIndicatoren, maternale sterfte, paternale sterfte, abortuscijfers, tienerzwangerschappen, SOA, HIV, seksueel plezier
Lage maternale sterfte, 12,1 op 100.000 (hoog voor europese begrippen)
Laagste tienerzwangerschappen ter wereld en relatief lage SOA cijfers
Problemen rond seksuele en reproductieve gezondheid57% vrouwen regelmatig bijna altijd dyspareunie
50% seksuele geweldservaring < 16 jaar
39% vrouwen ervaring seksueel geweld
TienerzwangerschappenAllochtonen
Herintredende dertigers
Jongeren
memorize

Recent badges